Vijf tips voor als het weer tegen zit

Vijf tips voor als het weer tegen zit

Je kent het wel:
1. Het is vrijdagmiddag. Of door de week het 8e of 9e uur.
2. Het lijkt alweer een eeuwigheid geleden sinds het vakantie was.
3. Je leerlingen zijn irritant druk. Of sloom.
Het gaat stormen. Of het onweert. Of het is gewoon warm. Leerlingegedrag heeft vaak met het weer te maken. Denk ik.
Heeft iemand al eens wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het verband tussen weer en leerlinggedrag? Volgens mij kunnen we daar wel wat mee. Dus als je iemand kent… ik houd me aanbevolen voor het publiceren van de resultaten.
Je kunt natuurlijk proberen “gewoon” les te geven. De kans is groot dat je continu moet waarschuwen en dat de sfeer heel vervelend wordt. Ik heb het wel eens voor elkaar gekregen om er op zo’n vrijdagmiddag zeven leerlingen uit te sturen. Van de 23. (Niet verder vertellen; ik schaam me nog steeds diep.)

Daarom deze vijf tips.
Voor het voorkomen van situaties waar je je later voor schaamt.
1. Stop je les en geef een opdracht (met als het lukt hetzelfde lesdoel) die de leerlingen alleen of in kleine groepjes kunnen uitvoeren.
2. Zet een luisterboek op (of lees zelf voor) en geef de leerlingen een moeilijke kleurplaat om ondertussen (heel precies!) in te kleuren. Ja, óók in de bovenbouw van het VO en op het MBO.
3. Ga met je leerlingen naar buiten en maak een wandeling met een kijkopdracht.
4. Houd een quiz, ga bingoën of doe een ander spel met de hele klas.
5. Zorg in ieder geval voor een voorraad activiteiten en opdrachten voor die momenten waarop je wel les moet geven, maar het beter is voor iedereen om dat niet te doen.

Succes!

Een professionele houding in het onderwijs

Een professionele houding in het onderwijs

Ik betrap me erop dat ik van veel collega’s vind dat ze weinig professioneel zijn. Aan de ene kant vind ik dat niet kunnen; wie ben ik dat ik mag oordelen over anderen? Aan de andere kant vind ik het in belang van leerlingen dat leraren hun werk goed doen. Is het dan zo dat je alleen je werk goed kunt doen als je “professioneel” bent? En wat is professioneel dan?

Volgens Van Dale:
Betekenis ‘ professioneel ‘
Je hebt gezocht op het woord: professioneel.

pro•fes•si•o•neel (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord)
1 van beroep
2 aan het beroep eigen
3 (als) van een vakman: een professionele aanpak

Hm. Hier kan ik niet zoveel mee. Ik denk dat wij tegenwoordig iets anders bedoelen met professioneel. Iets als “zakelijk”. Maar dan anders.

Ik heb vijf aspecten gevonden die m.i. horen bij de professionele beroepshouding van een leraar:
1. Persoonlijke eigenschappen: sociaal vaardig, gedisciplineerd, initiatiefrijk, besluitvaardig en pragmatisch.
2. Een mooie balans kunnen vinden tussen begrip tonen en grenzen stellen; op de juiste wijze assertief zijn.
3. Willen blijven (bij)leren. Ontwikkelingen in de wereld gaan snel. Het is de taak van de leraar om leerlingen voor te bereiden op hun taak in de wereld. Dat betekent dus dat een leraar op te hoogte moet zijn van de laatste ontwikkelingen.
4. De leraar staat centraal. Alleen een leraar die zichzelf centraal stelt kan iedere leerling datgene bieden wat hij of zij nodig heeft.
5. Ontwikkelde vaardigheden: pedagogisch, didactisch en reflectievermogen.

En nu ben ik heel benieuwd of jullie het hier mee eens zijn… en als dat zo is: hebben wij dan dezelfde mening over de professionaliteit van sommige collega’s? Of betekent dit dat wij daar nog steeds niet over mogen oordelen?

Hm…

Het onderwijs in Portugal

Het onderwijs in Portugal

Ik ben nu op vakantie. In Portugal. En dan kan ik natuurlijk een weekje overslaan. Maar ik denk natuurlijk dat ik compleet onmisbaar ben in jullie leven, dus heb ik toch een blog geschreven. En om in de stemming te blijven, gaat deze blog over “Het onderwijs in Portugal”.

Onderwijs in Portugal is openbaar (gratis) of particulier (betaald en meestal RK).
Kinderen van 3 tot 5 kunnen naar de kleuterschool. Dat is niet verplicht; de leerplicht begint pas vanaf 6 jaar. Er zijn niet zoveel kleuterscholen; eigenlijk alleen in de grote steden.

De lagere school is voor kinderen van 7 t/m 15 jaar; daarna stopt de leerplicht. Veel leerlingen stoppen dan met school en gaan werken. Het functioneel alfabetisme is in Portugal daardoor een van de hoogste van Europa.

Het lager onderwijs is verdeeld in 3 fasen. Men krijgt een diploma na het slagen voor het afsluitende examen aan het eind van de 3e fase. Er is een enorm verschil tussen de kwaliteit van zowel voorzieningen als het onderwijs zelf, tussen de steden en het platteland. Op sommige plattelandsscholen wordt er zelfs nog les gegeven aan ochtend- en middagploegen.

Secondair onderwijs is voor 15-18 jarigen. Er kan gekozen worden tussen een algemeen vormende opleiding, een beroepsopleiding of een gespecialiseerde vakopleiding. Daarna kan toelatingsexamen gedaan worden voor HBO of Universiteit. Er zijn enorme kwaliteitsverschillen tussen opleidingen; hoe rijker je ouders, des te beter de opleiding die je kunt volgen.

De laatste jaren is er veel aandacht geweest voor het zg. tweedekansonderwijs. De overheid wil hiermee het enorme analfabetisme terugdringen. Door vooroordelen en vastgeroeste systemen lijkt dit echter maar langzaam te lukken.

Kortom: wij boffen in Nederland met ons onderwijs. En onze leerlingen zeker!

Ik wil wel maar die ander wil niet

Ik wil wel maar die ander wil niet 

“Make them an offer they can’t refuse”.

Het klinkt bijna als een relationele crisis.
Jij wilt trouwen, maar je vriendin wil dat niet. Jij wilt op vakantie naar Griekenland, maar je man wil naar Zweden. Jij wilt dat je zoon zijn kamer opruimt, maar jouw zoon vindt dat niet nodig.
Allemaal onderwerpen waar je ruzie over kunt maken, of in ieder geval de ander kan proberen te overtuigen van jouw gelijk. Omdat je een relatie hebt met die ander; verbonden bent.
Maar wat nou als het iemand betreft die je nog helemaal niet kent? Of iemand die in de hiërarchische ladder “hoger” staat dan jij? Zoals een toekomstige duo-partner. Of de directeur van een school waar je komt te werken?

Vorige week gaf ik tips voor het samenwerken met een (toekomstige) duo-partner. En vervolgens kreeg ik de vraag: “Wat doe ik als die ander weigert om tijd voor mij te maken?”
Goede vraag. Je kunt de ander niet dwingen. En omdat je nog geen relatie met die ander hebt, is het moeilijk om invloed op diegene uit te oefenen. Dat jij je professioneel opstelt, is nog geen garantie dat een ander dat ook doet.

Er zijn vier dingen die je wel kunt doen.
1. Je vertelt de ander dat je heel graag wilt dat diegene wel die tijdsinvestering doet. Omwille van de kinderen. Daar willen jullie toch allebei het beste voor? Bovendien gaat het de ander heel veel meer tijd en energie kosten als dingen mislopen door een gebrekkige communicatie. Blijf in dit gesprek bij jezelf; maak duidelijk wat jij wilt en waarom. En: “Make them an offer they can’t refuse”. Beloof desnoods gebak mee te nemen.

2. Ga naar de directeur en vraag wat er van jou wordt verwacht als invaller. Als uit dat gesprek komt dat het gebruikelijk is dat er een overdracht plaatsvindt, dan kun je hem/ haar om hulp vragen om deze overdracht geregeld te krijgen. Leg de schuld niet bij de onwillige ander, maar zeg eerlijk dat je het moeilijk vindt om dit te vragen omdat de ander duidelijk bij jou heeft aangegeven geen tijd te hebben.

3. Je gaat gewoon aan de slag. Je maakt de leerlingen duidelijk dat het gaat zoals jij wilt op de dagen dat jij er bent. En dat alles dus anders gaat dan bij de andere juf. En dat ze dat heel goed kunnen; als ze gaan spelen bij een vriendje dan zijn de regels ook heel anders dan thuis. Zorg dat je dan wel heel sterk in je schoenen staat en heel consequent ben.

4. Je bedankt voor de opdracht. Je wilt alleen werken op een school met medewerkers met een professionele opstelling. Communiceer dat duidelijk en blijf bij jezelf.

Wat je ook kiest: kies een reactie die bij jou past. Succes!