Acht tips voor de vrolijke invaller!

Acht tips voor de vrolijke invaller!

Een dagje hier, een dagje daar. School op de hoek, school ver weg. Auto, fiets, bus… je rent van hot naar haar en je past je overal in en aan. Vooral in het PO is “invallen” een bekend verschijnsel, omdat je basisschoolleerlingen niet even een tussenuur kunt geven.
En soms mag je als invaller langer blijven. Een week, een maand, maanden.
Ook in het VO en MBO wordt ingevallen, ingeval van langdurige afwezigheid van de leraar. Zwangerschap, burn-out, ziekte, zorgverlof, sabbatical….
Voor een starter in het onderwijs, is invallen meestal het begin van een carrière. En als er niet zoveel “vast werk” is, dan kan de periode van invallen wel tien jaar duren. Zoals in mijn geval .
Dat heeft een enorm voordeel. Je doet een schat aan ervaring op waar je je hele leven nog plezier van hebt. En je leert relativeren. Want niet iedere school past bij jou en soms heb je een dag waarop het gewoon niet loopt. En dat geeft niet, want de dag daarna gaat het beter. Of supergoed.
Het maakt niet uit waar je gaat invallen, of voor welke periode, als je maar goed voorbereid bent. En zeker als je voorafgaand een “sollicitatiegesprek” hebt, is het belangrijk om van te voren een aantal zaken in acht te nemen.

Daarom: acht tips voor de vrolijke invaller!
1. Zorg dat je de school kent. Google de school op internet, bekijk de website, lees het schoolplan.
2. Zorg dat je uiterlijk “passend” is bij de school. Wat hebben de leraren op de foto’s op de website aan? Let op piercings en tattoos, roklengte en decolletés.
3. Toon heel veel interesse in de groep, in de klas(sen) waar je les gaat geven. Stel vragen over de leerlingen, ouders, het verleden en de toekomst. Wie was de leraar voor jou? Waarom is diegene weg?
4. Weet welke visie de school heeft op leerlingen en onderwijs. Denk er over na of die visie bij jou past.
5. Geef iedereen die je in de school (en in de teamkamer!) ontmoet een hand en stel je voor. Probeer alle namen en gezichten te onthouden.
6. Maak mappen met activiteiten en lessen voor alle klassen en groepen, dan heb je altijd materiaal.
7. Laat je niet gek maken. Neem je tijd. Het programma hoeft niet af.
8. Heb heel veel plezier! Wees vrolijk, oprecht en maak er een mooie tijd van, ook al ben je er maar een halve dag.

Succes!

Wil je nu verder lezen in de SterkNieuws? Klik dan HIER.

De aanspreekladder

De aanspreekladder

Er zijn wel eens van die momenten in een klas, waarop je als leraar een leerling moet aanspreken op zijn gedrag. Er zijn natuurlijk momenten waarop je de naam van die leerling hard, of keihard, door het lokaal moet roepen.
Dit zijn van die momenten:
– Als de veiligheid in het geding is.

Er is dus maar één reden om een leerling hardop onmiddellijk te corrigeren. Toch zie ik dit dagelijks gebeuren en meestal verkeert er dan niemand in een onveilige positie.
Hoe kan het beter? Wat kun je beter doen als je een leerling absoluut moet corrigeren, vanwege gedrag of het achterwege blijven van een bepaalde actie?

Je volgt gewoon deze stappen. Als de eerste niet werkt ga je door met de volgende.
1. Je zoekt oogcontact met de leerling en laat non-verbaal zien dat je hem of haar in de gaten hebt.
2. Je zet de rest van de klas aan het werk en loopt naar de leerling toe. Je vertelt onder vier ogen wat je hebt gezien en wat je van de leerling verwacht. Je loopt weg.
3. Je neemt de leerling mee naar de gang en vraagt hoe het komt dat hij of zij nog steeds…. Je antwoordt begrijpend en geeft hem de keus tussen 2 of 3 opties.
4. Je zet de leerling apart, zo dicht mogelijk bij je, zodat je steeds non-verbaal kunt corrigeren als dat nodig is.
5. Je zet de leerling in een andere klas met zelfstandig werk.
6. Je stuurt de leerling naar de directeur of IB-er (of wat er ook is afgesproken).
7. Je belt de ouders en nodigt ze uit voor een gesprek met de leerling erbij. De vraag is: hoe kunnen we samen tot een oplossing komen?

Belangrijk: iedere keer als een leerling doet wat je zegt, dat bedank je hem, complimenteer je hem (of haar). Dat kan zowel verbaal als non-verbaal, dat hangt van de situatie af.
Tussen de regels door complimenteer je de leerlingen die wel doen wat jij zegt uitgebreid.

Succes!

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Falen is geen optie

Falen is geen optie

Vorige week sprak ik een jonge leraar die op het eind van zijn Latijn was. Hij had het gevoel dat alles tegen zat. Hij had een moeilijke klas, met veel zorgleerlingen. De ouders klaagden bij de directrice over zijn handelen. Zijn collega’s zeiden dat ze het ook niet wisten. Hij werkte ’s avonds en in het weekend over om al het werk af te krijgen; handelingsplannen, nakijkwerk en iedere dag een volle mailbox.

Hij was het zat.

Ik kwam een leerling observeren in zijn klas, en ik zag dat hij alles deed om het goed te doen. Tijdens het nagesprek vroeg ik hem wat hij eigenlijk het liefste wilde. En hij zei: “ik wil me het liefst ziek melden”. Toen ik vroeg waarom hij dat nog niet gedaan had, zei hij: “ik ben toch niet echt ziek?”.

Nee, nog niet.

Ik vertelde dat ik wel eens leraren coach. Ik help ze om hun onderwijs zo in te richten dat ze er zelf gelukkig van worden. Het motto is dan: “Blije leraren maken blije leerlingen.” Dus ik bood hem mijn hulp aan. En de leraar antwoordde: “Ik meld me nog liever ziek dan dat ik hulp accepteer. Falen is geen optie”.

Ik schrok.

Thuis vertelde ik mijn zoon (van ongeveer dezelfde leeftijd als de leraar) wat er gebeurd was. Mijn zoon vertelde dat dit de trend van zijn leeftijdgenoten is. Falen mag niet meer. Als kind, als leerling wordt iedere groei onder de curve afgestraft. Een extra jaar kleuteren? Mag niet meer. Een jaartje overdoen? Mag niet meer. De foute studie kiezen? Mag niet meer.

Mag niet meer.

Geen wonder dat zoveel middelbare scholieren een tussenjaar kiezen. Teveel drinken. Het thuis niet durven te zeggen als het niet zo goed met ze gaat. Iedereen moet blij, vrolijk en compleet “up to date” zijn. Mee kunnen komen met het gemiddelde, of liever nog: daarboven. Hulp vragen is geen optie, dat wordt onmiddellijk afgestraft.

Falen is geen optie meer.
Jammer.

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Open brief aan alle ouders

Open brief aan alle ouders

Lieve ouders,
Jullie brengen of halen jullie kind(eren) iedere dag naar school, of ze gaan zelf. Het is ons werk om al onze leerlingen les te geven. Wij vinden ons werk leuk. We halen er voldoening uit en ja, we weten wat we doen. Maar soms is het belangrijk om weer eens pas op de plaats te maken en jullie te laten weten wat onze verwachtingen zijn en wat jullie van ons kunnen verwachten.

Wat wij verwachten van jullie:
1. Dat alle leerlingen op tijd op school zijn; schoon, aangekleed en met een (gezond) hapje & drankje voor tussendoor en voor tijdens de overblijf.
2. Dat jullie belangrijke informatie opschrijven en die brief aan ons overhandigen. Wij hebben ’s morgens geen tijd om met jullie te praten; we zijn er dan voor de leerlingen.
3. Dat jullie ons steunen in de opvoeding in de klas. Dat betekent dat je kind wel eens straf krijgt. Dat hoort erbij.
4. Dat jullie ons je vertrouwen geven dat we het goed doen.

Wat wij verwachten van onze leerlingen:
1. Dat ze opletten en meedoen met iedere les, ook al hebben ze eens geen zin.
2. Dat ze zich sociaal en netjes gedragen naar hun medeleerlingen en hun leraren.
3. Dat ze zich houden aan de afspraken zoals die zijn gemaakt in de klas en schoolbreed.

Wat mogen jullie en jullie kind(eren) van ons verwachten?
1. Dat we doen wat we kunnen om je kind(eren) het onderwijs te bieden dat ze nodig hebben.
2. Dat we altijd vragen hoe we kunnen helpen, op emotioneel, sociaal en cognitief gebied.
3. Dat we jullie informeren als er belangrijke zaken zijn die spelen in de klas of op school.
4. Dat we de beste lessen geven die we kunnen.
5. Dat we samen overleggen en bijleren als we iets (nog) niet weten.
6. Dat we je kind(eren) beschermen als dat nodig is.
7. Dat we het beste voor hebben met ieder kind.
8. Dat we zijn opgeleid om ons werk goed te doen.
9. Dat we houden van al onze leerlingen.

Met vriendelijke groeten van de leraar van je kind(eren)

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Een presentatie houden… hoe leer je dat?

Een presentatie houden… hoe leer je dat?

Wij vragen onze leerlingen regelmatig om een presentatie te houden. Of een spreekbeurt. En ik kan me herinneren dat ik, toen ik pas voor de klas stond, vond dat mijn leerlingen “dat maar gewoon moesten kunnen”. Ik had geen idee dat, of hoe, ik ze dat zou kunnen leren.

Ik las in een oude “Juf” (Malmberg) een artikel met als titel “Presenteren kun je leren” Dat heb ik gebruikt om een stappenplan te maken. Een stappenplan dat ik vroeger graag had willen hebben om de leerlingen beter te kunnen helpen.

Het stappenplan:

  1. Actief en respectvol luisteren.

Allereerst moeten de leerlingen leren hoe ze actief en respectvol luisteren. Ze zitten rechtop en kijken naar de presentator. Ze schrijven eventuele vragen op, het liefst in een daarvoor speciaal bestemd schrift. Ze praten er niet doorheen. Ze stellen zich voor dat zij daar zelf staan. Fouten maken mag.

2. Hoe kies je een onderwerp?

Soms krijgen leerlingen een onderwerp toegewezen, soms mogen ze zelf kiezen. In het eerste geval is het belangrijk om duidelijk aan te geven welke onderdelen bij het onderwerp horen, en welke beslist niet.
In het tweede geval moeten de leerlingen hun onderwerp afbakenen als het te groot is. “Voetbal” is zo’n voorbeeld. Het is dan beter als een leerling zijn of haar favoriete speler of club kiest.

3. Maak een mindmap of woordenweb.

Zet het onderwerp in het midden en laat de leerlingen er een maximaal aantal takken (subonderdelen) bij schrijven. Dit werkt ook goed bij het maken van een verslag of werkstuk. Oefen dit klassikaal.

Laat leerlingen eerst de teksten schrijven en er pas daarna per subonderdeel plaatjes bij zoeken. Geef ook het aantal pixels bij op, zodat er op het digibord geen wazig zoekplaatje staat.

Vertel dat eventuele filmpjes niet langer dan 2 minuten mogen duren.

4. Hoe voorkom je dat leerlingen de tekst voorlezen?

Dat voorkom je door de leerlingen in tweetallen van te voren te laten oefenen aan de hand van een blaadje met steekwoorden. Het liefst ook in de vorm van een woordenweb of mindmap.
Zo kun je ook leerlingen laten oefenen met het vertellen van “boekzinnen” in hun eigen woorden.

5. Oefen het voor de groep staan.

Geef regelmatig opdrachten, waarbij leerlingen staand (eerst achter hun stoel en daarna voor de groep) iets moeten vertellen. Zo’n vertelling duurt eerst 30 seconden en dat kan je langzaam opbouwen.

Geef daar de volgende aandachtspunten bij en geef daar ook feedback op:

Sta op twee benen.
Bedenk wat je met je handen doet.
Kijk je medeleerlingen om de beurt aan, kijk niet naar een punt of over de hoofden heen.

6. Welke vragen worden gesteld?

Leer je leerlingen vragen stellen met de volgende beginwoorden:

Hoe denk je dat…
Sinds wanneer…
Hoe zou jij…
Wat is het belangrijkste dat…

7. Een PowerPoint of Prezi maken.
Geef als oefening alle leerlingen hetzelfde onderwerp en geef ook aan hoeveel dia’s er minimaal en maximaal getoond mogen worden.

De beoordeling:

Het is meestal zo dat zowel jij als leraar als de leerlingen de presentatie mogen beoordelen. Ik vind dat altijd een moeilijk punt, omdat vriendjespolitiek en/ of affiniteit met het onderwerp vaak een rol spelen.

Het is beter om bijvoorbeeld 10 punten aan te geven, waar een presentatie aan moet voldoen. Dan is jouw beoordeling in ieder geval duidelijk en transparant:

Ik kan je goed verstaan.
Je staat op twee benen.
Je vertelt met passie over het onderwerp.
Je leest niet voor.
Je gebruikt je eigen woorden.
Je zegt niet in iedere zin “..eh..”.
Je presentatie heeft ongeveer 10 dia’s.
Je weet duidelijk meer van het onderwerp dan hetgeen je gepresenteerd hebt.
Je hebt 8 duidelijke plaatjes, die iets toevoegen aan je verhaal.
Je hebt iets verrassends ingevoegd. Een filmpje, een quiz, een anekdote, een spel. Leuk voorbeeld: bij een spreekbeurt over “de Olifant” heeft de leerling een olifantendrol meegenomen…

Leerlingen kunnen feedback geven met de volgende hulpzinnen:

Het meest interessante wat ik gehoord heb was…
Wat ik nog niet wist was…
Wat ik erg goed vond was…
De volgende keer kan je beter…

Veel plezier!

Dat doen wij zo niet…

Dat doen wij zo niet…

“Dat doen wij zo niet.” Niet leuk om te horen als je nieuw op een school bent en enthousiast een idee naar voren brengt.

“Wij doen het al jaren zo en dat bevalt prima.” Nog zo’n opmerking waar je niks mee kunt als je een verandering voorstelt.

“Ach ja, toen ik pas begon had ik ook van die wilde plannen, maar je zult zien dat dat vanzelf overgaat.” En je enthousiasme voor jouw “wilde plan” zakt meteen weg.

Laten we eerlijk zijn. Het is niet leuk om dergelijke opmerkingen te horen. En gelukkig worden ze steeds minder gemaakt. Maar als je op een school zit waar je wel zulke opmerkingen te horen krijgt, dan kun je er wel iets mee als je wilt.

  1. Het is goed bedoeld. Het komt misschien anders over, maar in de grond is het een welwillend advies met het doel om jou te beschermen.
  2. Je kunt er dus ook welwillend en begrijpend op reageren. “Ik begrijp het” zeg je dan. (Of iets van die strekking.) Je mag ook vragen naar de bezwaren die er zijn. Misschien hebben ze wel een punt… dan kun je daar rekening mee houden.
  3. Vervolgens vraag je of je jouw plan toch mag uitproberen. Bij wijze van pilot. Bijvoorbeeld in jouw klas. In de meeste gevallen wordt daar positief op gereageerd.
  4. Je gaat aan de slag.
  5. En je vertelt iedere keer enthousiast over de vorderingen die je maakt.
  6. En als je ergens tegenaan loopt, dan vraag je om hulp aan iemand die (min of meer) positief t.o.v. jouw “wilde plan” staat.
  7. Je houdt vol. Grote kans dat iemand jouw plan adopteert.

Veel succes!

Een stappenplan om je leerlingen te leren samenwerken!

Een stappenplan om je leerlingen te leren samenwerken!

  1. Wat is samenwerken eigenlijk?

Vraag het eens aan je leerlingen: wat is samenwerken eigenlijk? Zet de uitkomsten op het bord.

  1. Wat is de volgorde?

Het is ook belangrijk dat je samen met de leerlingen de stappen beschrijft die je moet zetten én opschrijven om goed samen te kunnen werken:

  1. Wat moet er allemaal gebeuren?
  2. Welke taken zijn er nog meer?
  3. Wie wil welke rol of taak?
  4. Wat doe je als je het niet met elkaar eens bent?
  5. Wat doe je als je klaar bent met je taak?
  6. Hoe gaan jullie de gedane taken controleren?
  7. Wanneer, aan wie en op welke manier gaan jullie hulp vragen?
  8. Wat moet je voorkomen bij het samenwerken?

Ook een leuke vraag aan de leerlingen. Waarschijnlijk komen de volgende punten dan ook aan de orde:

  1. Welke ongeschreven regels gelden er?
  2. Is het erg als een iemand meer doet dan de rest?
  3. Is het erg als iemand helemaal niets doet?
  4. Aan welke eisen moet het eindproduct voldoen en hoe wordt het beoordeeld?

Dit is natuurlijk een vraag aan jou, als leraar. Zorg ervoor dat deze eisen en de procedure duidelijk en transparant zijn. Zet ze op papier of hang ze in de klas.

Veel plezier & Succes!

 

 

Contact maken met leerlingen: de basis!

Contact maken met leerlingen: de basis!

Er wordt vaak gezegd dat leerlingen pas kunnen leren op het moment dat zij een goede relatie hebben met de leraar.
Onzin.
Zo heb ik mij ooit een ongeluk gewerkt voor biologie. Ik wilde minimaal een 8 halen; juist omdat de leraar en ik absoluut niet met elkaar overweg konden. Ik dacht dat zij dacht dat ik het niet kon. Dus ging ik haar bewijzen dat ik het wel kon. En ik haalde de ene 8 na de andere.
Mijn leraar biologie kon overigens wel goed lesgeven. Maar er was geen sprake van “menselijk contact”. Laat staan van “een relatie”. Bovendien was ik toen op een leeftijd waarop ik ervan overtuigd was dat deze leraar helemaal niet menselijk was.
Zoiets.

Ook in de literatuur wordt gesteld dat een goed klassenmanagement en didactische vaardigheden vóór een goede relatie gaan. Een goede relatie maakt immers geen goede les, daar is meer voor nodig.
Aan de andere kant… een kleuter die zich ongelukkig voelt en zit te huilen… hoeveel zal zij leren? Een troostende juf of meester lijkt mij dan echt noodzakelijk om tot leren te komen.
Hoe dan ook…

Vijf tips om contact te maken en te houden met je leerlingen:
1. Het begint al bij binnenkomst. Je staat (als het kan) bij de deur. Je kijkt je leerlingen in de ogen en wisselt een woordje met iedereen. Luister actief!
2. Je meent wat je zegt. Je bent oprecht. Je toont je waardering. Leerlingen voelen het als je je aandacht er niet echt bij hebt en dat gaat uiteindelijk tegen je werken.
3. Je hebt respect voor andere meningen en opvattingen, ook al ben je het er zelf helemaal niet mee eens. Als je je leerlingen oprecht serieus neemt dan merken ze dat en dan nemen ze jou ook serieus.
4. Je bent betrokken bij de leerlingen. Je hebt oprechte belangstelling. Je leeft mee met onvoldoendes, trouwfeesten en nieuwe kleren en je onthoudt het ook.
5. Denk aan je lichaamstaal. Je hebt regelmatig oogcontact, je glimlacht of kijkt eens heel streng, je knipoogt, je staat zeker (op twee benen), je geeft schouderklopjes.

En ja… je mag open zijn over jezelf. Je gedrag, je gevoelens, je meningen en wat je gisteren gegeten hebt. Daarmee bevorder je empathisch gedrag; je geeft zelf het goede voorbeeld.

Een nieuw schooljaar, een nieuwe start

Een nieuw schooljaar, een nieuwe start

We zijn er allemaal weer. Misschien begin je volgende week pas, maar ook dan denk ik dat je in je hoofd al bezig bent met school, leerlingen, je lokaal…. En niet te vergeten je collega’s. Om je lekker op weg te helpen, krijg je van mij 10 tips om het schooljaar goed te beginnen. En ja… als je al begonnen bent, dan helpen deze tips ook nog!

1. Neem de tijd om te acclimatiseren. Praat lekker met iedereen bij, kijk eens goed om je heen en stel alles uit dat niet meteen hoeft.

2. Bedenk even in welke valkuilen je vorig schooljaar getrapt bent en maak een lijst van 10 goede voornemens voor dit schooljaar. Hang die lijst in je klas of aan de binnenkant van de deur van je locker. Check iedere week of je je er nog aan houdt. (En ja hoor, aanpassen mag…)

3. Gooi alle e-mails weg die onbelangrijker zijn dan “dringend”.

4. Start in een heerlijk leeg, opgeruimd lokaal. Begin eens met (bijna) kale muren. Er komt nog genoeg aan de muur.

5. Kijk of je ergens een krijtbord op de kop kan tikken en laat dat door een ander ophangen. Op je digibord kom je altijd ruimte te kort en een krijtbord is in PO onmisbaar voor echt goede schrijflessen.

6. Bedenk nog eens dat multitasken slecht is voor je gezondheid. Doe dus één ding tegelijk en stel prioriteiten.

7. Verzamel liedjes, filmpjes, quotes en moppen zodat je altijd iets hebt waar je om kunt lachen. Ook met de leerlingen. Humor is onmisbaar voor ons leraren.

8. Als je geen eigen lokaal hebt: zorg ervoor dat je je thuis voelt in ieder lokaal waar je lesgeeft. Zet een plantjes neer, hang een poster(tje) op… maakt niet uit.

9. Bedenk welke mooie herinnering van afgelopen vakantie je het hele jaar mee wilt dragen. Een foto of voorwerp kan het je helpen onthouden.

10. Have fun! Heb plezier! Lach! Geniet!

Sterke School heeft blogvakantie!

Sterke School heeft blogvakantie!

download (1)

 

 

 

 

Ik wens jou ook een hele fijne vakantie!
Er wordt een nieuwe blog geplaatst op 24 augustus a.s.!

Je kunt natuurlijk nog steeds het Gratis Handboek voor Startende leraren downloaden.
Je kunt je opgeven voor de workshop Een Sterke Start voor de Klas.
Je kunt je opgeven voor de tweedaagse: Sterk en Stevig in de Klas.
En je kunt de kalender voor het nieuwe schooljaar downloaden!

Rust lekker uit!
Groeten van Judith

Sta Sterk voor de Klas!