Tagarchief: antwoord

Eis 100% van je leerlingen!

Eis 100% van je leerlingen!

Je kent waarschijnlijk het boek “Teach like a Champion” van Doug Lemov wel. Ik vind het een van de beste onderwijsboeken die er zijn en ik leer mijn cursisten altijd graag over de technieken die er in staan. Het is namelijk geen gewoon leesboek, maar een praktijkboek. Als je ergens tegenaan loopt in de klas, dan zoek je in het boek welke techniek(en) je zou kunnen gebruiken en vervolgens ga je die techniek(en) toepassen in je klas. Het werkt in alle vormen van onderwijs en voor alle leeftijden.

Het mooie is dat je er ook je eigen vorm aan kunt geven. Als het maar werkt voor jou in jouw klas. Heb je het boek nog niet? De nieuwste versie is te koop bij de CED-groep. Vind je het boek te duur? Dan kan je bij mij een samenvatting van de oude versie opvragen, dan mail ik die naar je toe. Ik heb zowel de gewone versie als de versie voor de onderbouw van het PO.

Een van de belangrijkste onderwerpen van TLAC is “Eis 100%”. Met deze technieken houd je je leerlingen altijd bij de les, weet je zeker dat ze allemaal betrokken zijn, opletten, nadenken en een antwoord geven.

Ik zet hier zeven tips over op een rij:

  1. Werk met het beurtenbakje; een beker met ijslollystokjes met de leerlingnamen erop. Leerlingen steken geen vingers op, maar je trekt een stokje uit de beker en de leerling met de naam op het stokje krijgt de beurt. Je doet het stokje weer in de beker, zodat er een kans is dat dezelfde leerling weer een beurt krijgt. Zo blijven alle leerlingen alert. Zo kun je ook groepjes maken. En je kunt de stokjes manipuleren, door een andere naam te zeggen.
  2. Laat alle leerlingen antwoorden. Hardop.
  3. Als een leerling het antwoord niet weet, dan zeg je: “ik kom bij je terug”. En als een andere leerling het goede antwoord heeft gegeven kom je terug bij de eerste leerling, die dan alsnog het goede antwoord moet geven. Dit moet je trouwens wel met de leerlingen oefenen.
  4. Als een leerling het antwoord niet geeft, geef je net lang hints tot de leerling het juiste antwoord geeft.
  5. Laat leerlingen altijd antwoorden in hele zinnen.
  6. Vertel bij alle opdrachten precies waar de antwoorden aan moeten voldoen. Denk aan aantal woorden, interpunctie, spelfouten enzovoort.
  7. Maak de leerlingen duidelijk dat de lessen leuker en interessanter worden als iedereen actief meedoet. De tijd gaat ook sneller.

Ik wens je veel succes en plezier!

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan hier….

Dromen in de klas… mag dat wel?

Dromen in de klas… mag dat wel?

Ik ben ook zo’n dromer. Lekker uit het raam staren en bedenken wat ik allemaal wil en hoe mijn leven eruit ziet als ik alles voor elkaar heb.
Om er vervolgens achter te komen dat mij al drie keer is gevraagd of ik nog thee wil. En dat ik dan de hele vraag niet heb gehoord. En dat het me dan ook nog moeite kost om te bedenken óf ik inderdaad thee wil… Ik zat met mijn hoofd ergens anders. En het kost namelijk echt tijd om je hoofd te verplaatsen van de ene focus (mijn wensen en dromen) naar de andere focus (wil ik een kopje thee?).
Degene die mij had gevraagd of ik nog thee wilde, reageerde een beetje kribbig. Of ik niet eerder kon reageren, zo moeilijk was de vraag toch niet? Het ging maar om thee. En bovendien, ik had ook gewoon meteen kunnen luisteren toch? Dit getuigde niet van veel respect en de oprechte luisterhouding waar ik altijd voor pleit was, nu bij mijzelf nota bene, ver te zoeken.
En toen zag ik mijzelf weer voor de klas staan. Ik stelde een vraag aan een van de leerlingen. Het liefst aan iemand die niet op zat te letten, want dan had ik hem of haar weer bij de les betrokken. En ik reageerde kribbig als de leerling niet meteen reageerde.
Nu denk ik: AU! En ik hoop dat die leerlingen er geen trauma aan hebben overgehouden, aan die kribbige reacties van mij.
En nu weet ik: DROMEN is fantastisch en we zouden het allemaal vaker moeten doen. Vooral in de klas. Zie maar voor je hoe blij jouw leerlingen zijn in de klas, hoe veilig ze zich voelen en hoe goed jij je voelt als juf. Ook hier geldt: selffulfilling prophecy. Echt waar, probeer het maar eens.
En tot slot zeg ik: Laat je LEERLINGEN ook wat vaker dromen. Lekker uit het raam staren. Verder niets. Laat ze maar voor zich zien dat ze hun proefwerk terug krijgen en een mooi cijfer hebben. Of waar ze over 10 jaar zijn.

En verwacht vooral niet dat ze meteen antwoord kunnen geven als ze even ergens anders waren met hun hoofd…

En ze praten maar door…

En ze praten maar door…

Ik hoor vaak van (startende) leraren dat ze soms een klas hebben die niet meer stopt met praten. Ze praten maar door. Soms zijn het een of twee leerlingen die hun mond niet kunnen houden, en in de tijd dat jij die leerlingen bestraffend (?) toespreekt, beginnen andere leerlingen hun eigen conversatie. En als je die eindelijk stil hebt, zijn er andere leerlingen weer begonnen met praten. Het kost je zoveel energie. En tijd. En het verpest (meestal) de sfeer in de klas.

Herken je dat?

Allereerst is het van belang om na te gaan waarom ze maar blijven praten. De volgende vragen kunnen je daarbij helpen:

* Praten ze omdat ze het gezellig vinden in de klas? Omdat de sfeer goed is en ze het idee hebben dat er “een doorlopend theekransje” plaatsvindt?

* Praten ze om jouw les te verstoren? Om je te pesten? Om te kijken waar jouw grens ligt? Omdat ze willen weten wanneer jij “uit je vel springt”?
Of omdat de sfeer zo negatief is (geworden) dat ze niet (meer) anders kunnen?

* Praten ze omdát ze niet anders kunnen? Omdat ze “geprogrammeerd zijn” om meteen verbaal te reageren op alles wat er gebeurt in de klas? Meestal betreft dit een of twee leerlingen waar de rest van de klas ook last van heeft.

Waarschijnlijk weet jij zelf het antwoord op deze vragen. Maar welke van de drie redenen het ook is, in alle gevallen heb jij een probleem dat je wilt en kunt oplossen.

Ben je bang dat dit teveel tijd kost?
Ga voor jezelf na of je de investering in tijd en energie over hebt om de situatie zo te krijgen zoals jij wilt.

Als je blijft doen wat je deed, dan blijft het zoals het is.

Ik zet (per antwoord) wat handvatten op een rij die jou kunnen helpen om het tij te keren.

* Praten uit gezelligheid.
Meestal is dat een hele sociale groep, die oprecht alles met elkaar deelt. Je kunt je probleem gewoon bij hen neerleggen, waarbij je hun behoefte aan sociale conversaties ook benoemt. Belangrijk is om goed uit te leggen op welke momenten en waarom je wilt dat iedereen zijn mond houdt. Deze momenten kun je met de leerlingen inventariseren. Je vraagt ook aan de leerlingen welke sanctie past bij het overtreden van de regel “je ben stil op deze X momenten”. Jij kiest uit de sancties van de leerlingen die sanctie die jij passend vindt.

Daarnaast geef je ook ruimte aan hun behoefte door meer samenwerkopdrachten te geven en misschien zelfs (aan het begin- en/ of aan het eind van de les) “praatpauzes” van vijf minuten in te plannen.

* Praten om jou te pesten.
In dit geval zal je opnieuw moeten beginnen met de groepsvorming. Deze groep heeft een negatieve houding naar jou toe en die zal je moeten doorbreken. Hier moet je echt veel tijd en energie in investeren en het werkt pas echt goed als je ouders en je eventuele duo-partner (of een collega) hierbij betrekt. Voor een betere sfeer in de groep is een goed stappenplan onontbeerlijk:

1. Je gaat met je duo-partner om de tafel zitten en je maakt duidelijk dat je het voortaan anders wilt (en hoe dan). Je vraagt de hulp van je duo-partner (of collega). Zeker als je deze klas maar een of twee dagen per week hebt, gaat het zonder zijn of haar steun niet lukken. Jullie maken samen een plan. Breng het hele team op de hoogte. Betrek je leidinggevende erbij.

2. Jullie sturen (samen) naar alle ouders een e-mail om ze te vertellen dat jullie je zorgen maken over de groep en dat jullie de komende weken de sfeer in de groep “positiever gaan maken”. Omdat dan ook de leerprestaties sterk zullen verbeteren. En dat jullie daarbij de steun en hulp van de ouders nodig hebben. Vraag ouders ook vooral om hun eigen tips, ideeën en aanvullingen. Nog beter is om ook nog een extra ouderavond te organiseren waarbij jullie je mail mondeling toelichten en (nog eens) om de mening van de ouders vragen.

3. Jullie vertellen de leerlingen dat het zo niet langer kan (en waarom) en dat jullie de komende weken iedere dag aandacht gaan besteden aan groepsvorming.

4. Je begint met een groepsgesprek over normen en waarden in de klas. Jij vertelt wat je van de leerlingen verwacht en je vraagt aan de leerlingen wat ze van hun klasgenoten verwachten in jouw les. Je geeft alleen die leerlingen de beurt waarvan je weet dat zij een positieve insteek hebben. Zo zet je een positieve norm. Zo hoef je alleen steeds te herhalen en te bevestigen. De hieruit ontstane regels (waarden) zet je op het bord en hang je ook op in de klas.

5. Iedere dag doe je met de klas een activiteit waarbij deze waarden “getest worden”. Ook in de lessen komt je er steeds op terug. Je beloont goed gedrag. Je evalueert met de leerlingen.

6. Het kan wat weken duren, maar alle leerlingen zullen zich uiteindelijk neerleggen bij de nieuwe normen en waarden. Met de leerlingen die dit echt niet kunnen (als dat voorkomt), maak je een aparte afspraak. (Zie volgende…)

7. Houd en breng de ouders & collega’s steeds op de hoogte van de voortgang van het proces. Vraag hulp zodra je dat nodig vindt. Gebruik je duo-partner (of collega) als klankbord.

* Praten omdat ze niet anders kunnen.
Dit betreft meestal een leerling of een kleine groep. Met deze leerlingen maak je een aparte afspraak voor een gesprek, waarin je vraagt wat deze leerling nodig heeft om zich zo te gedragen zoals jij wilt. Doe dat per leerling individueel, nooit als groep bij elkaar.

Stel jouw grenzen hierbij heel duidelijk. Als een leerling bijvoorbeeld zegt: “Ik heb nodig dat jij weg gaat”, is dat (helaas voor die leerling) een onacceptabel antwoord, want jij gaat niet weg. Dat zeg je dus ook. En je stelt de vraag opnieuw.
Als een leerling zegt: “Ik weet het niet”, dan zegt jij: “En hoe ziet het er dan uit als je het wel zou weten?” Of: “Hoe doe je dat dan bij meneer X?” Soms zijn dit lange gesprekken, omdat je soms lang moet wachten op een antwoord wat voor jullie allebei acceptabel is.

Je eindigt altijd met een afspraak (een deal!). Laat de leerling zelf een sanctie bedenken in geval van overtreding.

* In alle gevallen:
Laat alle leerlingen (bijvoorbeeld door hand-opsteken) zich aan deze nieuwe afspraken committeren. Zo kan er nooit discussie ontstaan.

Van belang is natuurlijk dat je jezelf en de leerlingen hier heel consequent aan houdt. Grijp meteen in zodra het anders gaat dan jullie hebben afgesproken.

Ik hoor graag van jullie nog meer tips en trucs!
Zet ze in het commentaarveld.

Wat zeg jij tegen de leerling die….

Wat zeg jij tegen de leerling die….

… zijn tanden niet heeft gepoetst?

… zijn huiswerk voor de 10e keer niet heeft gemaakt?

… weer door je les heen praat?

… te pas en te onpas een grote mond heeft?

… seksueel getinte opmerkingen maakt?

… een stoel door de klas gooit?

… je collega’s zwart maakt?

… opstaat en wegloopt?

… zijn buurman een hengst geeft?

… je iedere dag even komt begroeten, ook al heeft hij die dag geen les van je?

Antwoord? Er is geen juist antwoord. Als je maar luistert, kijkt en de juiste vragen stelt. En die vragen beginnen altijd met “Wil jij mij vertellen….” (en voorkom dat je zin met “waarom” begint)