Tagarchief: cijfer

Waarom hebben ze nu weer een onvoldoende?

Waarom hebben ze nu weer een onvoldoende?

Een paar weken geleden was ik in een klas waar een slecht gemaakt proefwerk werd nabesproken. Het proefwerk was niet moeilijk geweest, de docent snapte er niks van.
De leerlingen mopperden.
De docent deed haar best om de moed erin te houden. “Kom op jongens, over twee weken is de herkansing en als jullie nu goed meedoen, dan gaan jullie allemaal een voldoende halen.”
Het gemopper verstomde. Een beetje. En alle leerlingen deden echt hun best om actief mee te doen.
Maar het ging al gauw mis.
De docent las de eerste vraag voor en gaf vervolgens het juiste antwoord.
Een leerling riep: “ja, maar dat bedoelde ik ook! Het staat er toch? En toch heb je me daar geen punten voor gegeven!”
Het werd weer onrustig in de klas. De docent keek een beetje wanhopig rond en wist blijkbaar niet wat ze nu moest doen. Ze zei: “Oké. Als je een individuele vraag hebt, dan mag je na afloop van de les even bij me komen.”
Na afloop van de les bleven alle leerlingen zitten. Ze hadden allemaal een individuele vraag. Ze wilden er punten bij. Want de vraag was onduidelijk gesteld. Of de docent had hun antwoord niet goed begrepen. De docent besloot contact op te nemen met de teamleider, want ze wist niet zo goed wat ze hier mee moest.
De conclusie van de teamleider was, dat de meeste leerlingen de vragen niet goed hadden gelezen. De vragen bestonden uit lange, samengestelde zinnen. Sommige vragen konden anders geïnterpreteerd worden.  De docent had het proefwerk niet zelf gemaakt. Alle parallelklassen hadden hetzelfde proefwerk gemaakt, maar niet in alle klassen zo slecht als bij haar. En de docent had het proefwerk wel nabesproken, maar niet vóórbesproken. En daar zat de crux.

Als je wilt dat je leerlingen een voldoende halen voor een proefwerk, dan kunnen de volgende tips je helpen:

  1. Neem de tijd om (belangrijke) proefwerken voor te bespreken.
  2. Deel een “proef-proefwerk” uit en maak het klassikaal, interactief.
  3. Leer je leerlingen samengestelde zinnen goed lezen.
  4. Laat de leerlingen steeds hardop bedenken: “Wat wordt hier precies gevraagd?”
  5. Laat je leerlingen hun ogen dicht doen en zich inbeelden dat ze in de toekomst zijn. Dat ze hier over een paar weken weer zitten en een voldoende hebben gehaald voor hetzelfde proefwerk.
  6. Laat de leerlingen hun ogen opendoen en vervolgens in tweetallen bedenken wat ze nodig hebben om het proefwerk goed te kunnen maken.
  7. Laat leerlingen een eigen stappenplan maken om een vraag goed te kunnen beantwoorden. Samenwerken mag hierbij.
  8. Zorg dat ze dit stappenplan bij zich hebben bij de toets.
  9. Eindig met een energizer, zodat iedereen fit en vol goede moed het proefwerk kan gaan maken.
  10. Vlak voor het echte proefwerk: doe diezelfde energizer nog een keer!

Welke tips heb jij om onze leerlingen goede cijfers te laten halen? Deel ze in het commentaarveld!

Namen enzo…

Namen enzo…

Als leraar is het handig om de namen van je leerlingen te kennen. Het liefst zo snel mogelijk. Omdat voor elkaar te krijgen zijn er verschillende trucjes. Ik noem er een paar:
• Naamstickers opplakken
• Naambordjes maken
• Alle leerlingen een spreekbeurt laten houden (van een minuut) over hun naam
• Alle leerlingen minimaal vijf keer per dag aanspreken met hun naam; als jij een foute naam zegt, krijgen de leerlingen een beloning
• Een smoelenboek (foto’s en namen) uit je hoofd leren. Liedjes en rijmpjes kunnen hier zeer behulpzaam bij zijn.

Maar oké. Nu ken je de namen van jouw leerlingen. Maar wanneer spreek je een leerling bij de naam aan? En ook: wanneer vooral niet?

Wel:
• Bij het geven van complimenten. Het liefste dwars door de klas en hardop.
• Als je een leerling als voorbeeld wilt stellen. Positief (spreekt voor zich) of negatief (als de leerling zeer grensoverschrijdend gedrag vertoont en jij precies weet hoe je deze leerling tot de orde moet roepen).
• Bij het geven van beurten, cijfers en dergelijke aankondigingen.

Niet:
• Als je wacht tot leerlingen stil zijn, hun boek gepakt hebben en wat dies meer zij. “Ik wacht nog op 2 mensen…”
• Bij het aanspreken op kleine overtredingen. (Dat doe je onder vier ogen en dan is een naam meestal niet nodig).
• Bij het stellen van vragen waarvan je wilt dat iedereen als antwoord “ja!” geeft. “Steek je vinger op als….” De leerlingen die geen vinger opsteken spreek je aan onder vier ogen.

Zijn hier variaties op mogelijk? Ja. Vast heel veel. En uitzonderingen ook. Ik lees ze graag in het commentaarveld!

Toets maken? Zeven tips!

Toets maken? Zeven tips!

Het maken van een toets in de klas gaf mij altijd een dubbel gevoel. In principe houd ik niet van toetsen. Het zou niet nodig moeten zijn. Er zijn tenslotte andere manieren om erachter te komen of een leerling “klaar is om de maatschappij in te gaan”. En zeker in dat verband betwijfel ik dat een heel toets-systeem daar de juiste voorbereiding van is.

Aan de andere kant hielden mijn leerlingen erg van toetsen. Er hing een gezonde spanning. Het was heel rustig in de klas en het competitie-element van “hoe ga ik het doen?” beviel de meeste leerlingen prima.

Heb ik een oplossing voor de heersende afrekencultuur? Ja hoor: gewoon mee stoppen met ons allen.
Maar zo lang dat niet het geval is, is het van belang je leerlingen goed voor te bereiden op een toets. En daar heb ik wel wat tips voor:

1. Vertel precies wanneer de toets is. Datum en tijd zijn belangrijk om te weten voor leerlingen. Bij voorkeur 4 tot 6 weken van te voren, zodat de leerlingen de tijd hebben voor hun voorbereiden. En voorkom dat de datum of de tijd verplaatst worden.
2. Vertel wat precies het belang van de toets is. Wat hangt er van af? Zet de resultaten in relatief perspectief.
3. Vraag de leerlingen welk cijfer (of welke score) ze minimaal willen halen. Noteer die cijfers en laat de leerling een lijstje maken van alles wat ze moeten doen om dát cijfer te halen. Check regelmatig of ze op schema zijn.
4. Vertel exact wat de leerlingen moeten kunnen en weten. Neem ruim van te voren een oefentoets af.
5. Zorg voor de toets voor een “lachmoment”. Moppen tappen, leuke filmpjes kijken, gekke verhalen vertellen, een lach-energizer… Alles is goed, als er maar even flink gelachen wordt. Lachen zorgt ervoor dat je hersenen beter werken, dat je daarna beter kunt focussen en de ontspanning haalt de spanning weg.
6. Vlak voor de toets: Doe een focus-oefening. Ademhaling, voeten, keer naar binnen; in je hoofd.
7. Als het kan: kijk de toets meteen na afloop na. Maak een analyse en deel die met de leerlingen. Zorg ervoor dat uitvallers meteen remediërende opdrachten krijgen en regel een hele snelle herkansing.

Veel succes en ja toch: plezier met de komende toetsen.