Tagarchief: energizers

De zeven dingen die het VO (en het MBO) kan leren van het PO

De zeven dingen die het VO (en het MBO) kan leren van het PO

In het PO worden veel technieken gebruikt om klassenmanagement en orde goed te kunnen regelen. Hele simpele dingen, die altijd werken. Waarom worden die veel minder gebruikt bij oudere leerlingen en studenten?

1. Geef een hand als de leerlingen binnenkomen. Maak een praatje, maak verbinding.

2. Vertel verhalen. Maak de leerstof leuk, boeiend, spannend… met anekdotes, illustraties en verhalen uit jouw eigen leven.

3. Weten en kunnen. Begin de les met dat wat de leerlingen aan het eind van de les moeten weten en kunnen. En kom daar aan het eind van de les op terug.

4. Gebruik stappenplannen. Leerlingen kunnen niet alles in een keer; jij moet het ze stap voor stap leren. Een stappenplan is gewoon een handig hulpmiddel.

5. Laat ze kiezen. Geef verschillende soorten opdrachten en laat de leerlingen zelf kiezen welke opdracht ze willen uitvoeren. Dat helpt de motivatie. Gelijke monniken – gelijke kappen is nu echt uit de mode.

6. Beweeg eens wat meer. Doe tussen door energizers, gekke bewegingsspellen. Dat is leuk! En als je het regelmatig doet, wordt de onrust vanzelf minder. En als jij het met enthousiasme voordoet, nemen de leerlingen jouw enthousiasme vanzelf over.

7. Toon begrip. Nogmaals: gelijke monniken – gelijke kappen is nu echt uit de mode. Sommige leerlingen hebben meer tijd, hulp of geduld nodig om tot hetzelfde resultaat te komen.

Ik hoor het zo vaak: “Dat werkt alleen in het PO. Bij ons op school kan dat niet.”
Oja? Waarom niet? Wie zegt dat? Waarom zijn er dan zoveel leraren in VO en MBO die wel deze technieken beheersen en uitvoeren? Leraren bij wie het wel werkt?

“Onze leerlingen vinden dat kinderachtig.”
Sorry. Jij vindt het kinderachtig en jouw leerlingen nemen dat idee van jou over.
Dus doe het gewoon 😉

Juf, ik kan mijn kapstok niet vinden…

Ken je dat?

Juf*, ik kan mijn kapstok niet vinden…

*) ook Meesters…

Je hebt je les goed voorbereid.
Je biedt de leerstof op een leuke manier aan.
Je oefent en oefent en oefent.
Je laat de leerlingen herhalen wat jij hebt vertelt.
Je laat het ze nog eens aan elkaar uitleggen.

En toch….. weten ze de volgende dag niet meer waar je les ook alweer over ging.

Hoe komt dat nu toch?

Ik houd het even simplistisch.

Het heeft allemaal te maken met je geheugen.
Je onthoudt iets alleen als:

* Het indruk op je heeft gemaakt (een verhaal of beelden).
* Je iets echt wilt onthouden (een duidelijk doel).
* Je hersenen niet te vol zitten met andere informatie die alles verdringt (heftige emoties).

En laten we eerlijk zijn… pubers hebben nogal eens last van dat laatste.
Dus hoe laat je pubers dan toch iets onthouden van de lesstof?
Je maakt een kapstok!

Oftewel: je vertel je leerlingen hoe ze dingen kunnen onthouden en je laat ze kiezen. 

Je laat ze dus hun eigen kapstok maken. Je leert ze HOE ze een kapstok moeten maken.
Een kapstok maken in 3 stappen:

1. Waar houd je van? Wat vind je superleuk? Dansen? Zingen? Strips? Lezen? Tekenen? Dino’s?

2. Vervolgens hang je de informatie in je geheugen op aan iets wat je leuk vindt.
* Moet je woordjes leren en houd je van zingen? Maak er een liedje van.
* Wiskundeberekeningen en je houd van lezen? Zet de formules in een verhaal.
* Jaartallen en je houdt van pomuziek? Maak een tijdlijn van plaatjes van je favoriete artiest en plak de jaartallen met de gebeurtenissen in tekstballonnetjes erop. Wees creatief!

3. Oefen het reproduceren van de informatie aan jouw kapstok een paar keer, pas aan en probeer weer. Net zolang tot je een kapstok hebt gevonden die voor jou werkt.
En dan hoor je iedere dag: “Juf, mijn kapstok is weer zo fijn vlakbij!”. 
Wil je nog meer tips en trucs leren om kapstokken te maken?

Kijk dan eens bij ENERGIZERS IN DE KLAS!

7 dingen die op jouw bureau niet mogen ontbreken

De 7 dingen die op jouw bureau niet mogen ontbreken:

Ligt jouw bureau ook altijd helemaal vol? Een laptop, pennen, stickers, een plantje, stapels schriften, de boeken en handleidingen die je die dag nodig hebt en natuurlijk je kopje thee en de resten van een traktatie van gisteren. Dom, dom dom. Je bureau is voortaan leeg, op 7 dingen na die je niet wilt missen. De dingen die je nodig hebt voor je lessen (zoals de klassenmap, handleidingen en je nakijkpen), liggen op een aparte plank of tafel. Afgesproken?

1. Een spreekstok. Wie de spreekstok vast heeft mag spreken. Alle anderen luisteren.
2. Hele bijzondere plaatjes (of een stempel) voor de leerlingen die iets speciaals hebben gepresteerd. Je hebt er maar 3 per dag. Of 2. Of 1.
3. Een to-do-lijstje in blokvorm. Hier staan dingen op die je vandaag niet moet vergeten en die alleen met leerlingen te maken hebben.
4. Een boek met energizers. Je haalt er activiteiten uit op het moment dat je klas in slaap dreigt te vallen, of zomaar.
5. Water. Om te drinken.
6. Drie hele speciale pennen, waar je niet zomaar mee mag schrijven. Daar moet jij (of een leerling) eerst iets voor doen..
7. Een envelop met de naam van een collega erop en een briefje met een nonsensvraag erin. Dan heb je altijd een loopje voor een leerling die niet meer op zijn stoel kan blijven zitten.