Tagarchief: moeilijk

Lesgeven in moeilijke klassen

Lesgeven in moeilijke klassen

Voorbereiding:

  1. Bedenk een schriftelijke opdracht (begintaak) die de leerlingen moeten maken zodra ze binnenkomen (zie TLAC voor de omschrijving hiervan).
  2. Zet alle tafels in rijen recht naar voren.
  3. Zorg dat ze vloer schoon is en alle kastjes leeg.
  4. Schuif de tafels zo dat de leerlingen nergens met hun handen in of aan kunnen komen.
  5. Zet alle materialen klaar.
  6. Op het bord: opdracht begintaak, regels en rooster.

Bij het binnenkomen:

  1. Bij binnenkomst (jij staat bij de deur) vertel je iedere leerling individueel:
    1. Fijn dat je er bent 😊
    2. Dat ze de begintaak gaan maken, in stilte en alleen én dat de begintaak ook op het bord staat.
    3. Dat je verwacht dat het vandaag een les wordt waarin de leerlingen laten zien dat zij weten hoe zij zich moeten gedragen tijdens de les.

Tijdens de les:

  1. Pas gaan praten als iedereen stil is (wees hier heel consequent in; zie het als een wedstrijd en zorg dat je die wedstrijd wint).
  2. Iedereen blijft zitten.
  3. Meteen ingrijpen bij verstoring.
  4. Hulpleerlingen aanstellen die uitdelen.
  5. Hardop complimenten geven aan de leerlingen die laten zien dat zij weten hoe zij zich moeten gedragen tijdens de les.
  6. Steeds herhalen wat je verwacht.
  7. 15 minuten voor tijd stap voor stap opruimen.

Na de les:

  1. Precies prijzen: exact vertellen wat wél goed ging en wat je volgende week ook nog verwacht.
  2. Houd de regie tot de laatste leerling is vertrokken.
  3. Leerlingen individueel vertellen (je staat weer bij de deur):
    1. Een (specifiek benoemd) ding dat ze goed gedaan hebben.
    2. Fijn dat je er was, tot volgende week 😊

Zeven tips voor het omgaan met moeilijke collega’s

Zeven tips voor het omgaan met moeilijke collega’s:

1. Ontloop ze. Knik vriendelijk als ze iets tegen je zeggen.

2. Voorkom dat je gaat roddelen over deze collega.

3. Ga eens in zijn of haar schoenen staan en bekijk het eens van de andere kant.

4. Houd jezelf eens een spiegel voor. Waarom vind jij deze collega moeilijk? Wat is de allergie die bij jou opspeelt?

5. Neem alles wat deze collega zegt heel serieus, en vraag hem/ haar dagelijks om tips en advies. Houd het positief en luchtig!

6. Vertel deze collega wat jij allemaal erg goed en leuk aan hem/ haar vindt.

7. Verwijt niets en niemand. Breng altijd een “ik-boodschap” en vermijd in alle zinnen het woordje “maar…”.