De negen muzen in het onderwijs

De negen muzen in het onderwijs.
Een paar keer per jaar ga ik naar een lezing, conferentie of boekpresentatie. Ten eerste is het natuurlijk een leuk dagje uit, maar ik doe daar vooral veel inspiratie op voor mijn blogs, vlogs en boeken.

Zo was ik gisteren op een onderwijsconferentie over pedagogiek. Vooral omdat ik pegagogiekprofessor Gert Biesta wilde horen spreken, maar natuurlijk waren er ook andere sprekers waar ik iets van heb meegenomen.

Zo hield Ton Bruining een lezing over ‘de professionele praktijk’. Op zich hield hij geen nieuw verhaal, maar wat ik erg leuk vond, was dat hij de negen muzen aanhaalde om ons, de luisteraars, te laten nadenken over ‘de helden in het onderwijs’.

Die negen muzen gebruik ik nu weer om jullie na te laten denken, maar dan op een andere manier. Omdat jullie ook helden moeten zijn, of worden.

Gekopieerd uit Wikipedia: In de mythologie van het oude Griekenland waren de negen muzen dochters van Zeus en de zussen van Apollo, die ze vaak begeleidden. Apollodorus van Athene noemt Mnemosyne (het geheugen) de moeder van de muzen. In andere versies zijn de muzen dan weer de dochters van Gaia en Uranus, de aarde en de lucht. Dat houdt mogelijk verband met hun voorstelling als inspirerende kracht: de kunstenaar kon deze ‘geestkracht’ verkrijgen door in te ademen.

Wat gebeurt er in jouw hoofd als jij als leraar de muzen aanroept door in te ademen? Tijdens iedere dag en iedere les die je geeft? En niet één van de muzen, maar alle negen?

Ik denk dat je dan voldoende inspiratie hebt om boeiend en zelfverzekerd voor de klas te staan. Het enige wat je hoeft te doen is te denken aan deze negen muzen:

  1. Erato: De muze van de hymne, het lied en de lyriek.
  2. Euterpe: Het fluitspel.
  3. Kalliope: Het heroïsch epos, de filosofie en de retorica.
  4. Clio: De geschiedschrijving.
  5. Melpomene: De tragedie.
  6. Polyhymnia: De retoriek en de gewijde liederen.
  7. Terpsischore: De dans en de lyrische poëzie.
  8. Thalei: De komedie.
  9. Urania: De sterrenkunde.

Nee, je hoeft niet te zingen en te dansen. Het mag natuurlijk wel, dat vinden je leerlingen vast heel grappig, maar wat ik bedoel is dat je de negen muzen vertaalt naar jouw eigen onderwijspraktijk. Ik geef een voorbeeld:

  1. Erato: De muze van de hymne, het lied en de lyriek
    De les zelf. Denk aan het doel, zorg voor goede opdrachten, pas de methode desnoods aan, bereid je goed voor. Zorg dat je weet wat je staat te doen, waarom je dat doet en wat de leerlingen er aan hebben.
  2. Euterpe: Het fluitspel
    Spreek duidelijke tekens af met de leerlingen. Wanneer ze stil moeten zijn, wanneer ze nog vijf minuten hebben om iets af te maken, wanneer ze op moeten ruimen, enzovoort.
  3. Kalliope: Het heroïsch epos, de filosofie en de retorica
    Stel veel vragen, vraag door, poneer stellingen. Zorg ervoor dat leerlingen veel hebben om over na te denken. Leer ze kritisch lezen en luisteren.
  4. Clio: De geschiedschrijving
    Je vertelt mooie verhalen. Ze hoeven niet lang te zijn, maar zorg voor sprekende voorbeelden, maak het boeiend, sluit aan bij de leerlingen.
  5. Melpomene: De tragedie
    Geef aandacht aan de verstoringen. Grijp meteen in. Maak duidelijk wat jij van de verstoring vindt en hoe jij wilt dat het gaat.
  6. Polyhymnia: De retoriek en de gewijde liederen
    Zorg voor routines, rituelen, duidelijkheid. Leerlingen willen graag weten waar ze aan toe zijn, dat zorgt voor veiligheid. Dat betekent dat je dingen steeds weer op dezelfde manier moet organiseren en aanpakken.
  7. Terpsischore: De dans en de lyrische poëzie
    Beweeg door de klas, observeer uit alle hoeken als de leerlingen aan het werk zijn. Leg lopend uit. Lees wandelend voor. Draai je zo nu en dan onverwacht om.
  8. Thalei: De komedie
    Je gebruikt veel humor. Je maakt grapjes. Zorg dat jij en je leerlingen veel te lachen hebben. Dat geeft energie en zorgt ervoor dat leerlingen beter leren.
  9. Urania: De sterrenkunde
    Laat alle leerlingen sterren zijn, laat ze stralen. Zorg dat je ze allemaal ziet. Geef ze allemaal aandacht. Geef iedereen complimenten. Als groep en ook als individu.

Dit is mijn invulling. Jouw invulling is natuurlijk net zo goed!

Veel plezier!