Categorie archief: hoge werkdruk

hoge werkdruk in het onderwijs

Vakantie!

Vakantie!

Vakantie!
Voor de ene helft van het land is het net begonnen, voor de andere helft zit het er alweer bijna op.
We zien er altijd zo naar uit en voor je het weet is ie weer voorbij. Ik heb van te voren altijd het idee dat ik genoeg tijd heb om honderdduizend dingen te doen. Helaas valt dat altijd tegen…. Iedere vakantie vliegt voorbij en het maakt niet uit hoeveel weken ie duurt.

Mijn lijstje?
Lezen, bakken, naar de bioscoop, afspreken met vriendinnen,  iets leuks doen met de kinderen, alle nieuwsbrieven lezen die nog in mijn “to-read-bakje” in mijn in-box zitten, de schuur opruimen, oude kleren uitzoeken en wegbrengen, alle schoenen poetsen, strijken, keukenkasten schoonmaken, administratie opnieuw indelen, “The Crown” afkijken op Netflix, kijken waar ik heen wil op vakantie, financiën op orde brengen, foto’s uitzoeken, uitslapen (alhoewel dat steeds minder goed lukt naarmate ik ouder wordt), de opzet maken voor mijn nieuwe boek, boeken bestellen (die ik dan eerst moet lezen voordat ik kan beginnen met het vorige actiepuntje) en oh ja!: shoppen. Ik ben echt enorm toe aan nieuwe kleren.

Wedden dat ik nog niet eens tot de helft kom?
En dat die andere helft blijft liggen tot de kerstvakantie?
Of nog waarschijnlijker: blijft liggen tot de voorjaarsvakantie, omdat de kerstvakantie altijd vol zit met sociale verplichtingen en ik dan voorbereidingen moet treffen voor een verhuizing in januari.

Vind ik dat erg?
Welnee. Ik ben er inmiddels aan gewend. Mijn lijstje heet dan ook “dingen-om-misschien-wel-te-doen-in-de-vakantie-lijstje” in plaats van “to-do-lijstje”. Ik weiger in de stress te schieten, nog vóór de vakantie is afgelopen.

Dus vandaar: 5 tips voor het voorkomen van stress. In de vakantie, maar ook daarbuiten.

  1. Je weet dat er altijd een moment komt waarop de stress toeslaat. Accepteer dat. Het gebeurt gewoon. Er tegen vechten werkt averechts en levert nog meer stress op.
  2. Bedenk wat er gebeurt als je iets niet Vergaat de wereld dan? Ik denk het niet.
  3. Vervang “Ik moet…” door “Ik wil…” in je spreken en in je denken.
  4. Zorg ervoor dat er minimaal 1 dag in je vakantie is waarop je helemaal niets inplant. Een dag waarop je desnoods de hele dag in je pyjama op de bank hangt en pizza bestelt. Of iets anders (niet) doet waar je (geen) zin in hebt.
  5. Zeg gewoon eens “NEE!” tegen taken die je opgelegd krijgt en waar je het nut niet van inziet.

En 6: heb je wel zin om een goed boek te lezen voor school, maar wil je het wel snel uit hebben? Bekijk dan mijn VLOG!

Fijne vakantie, of fijne werkweek!

Boos

Boos

Ik was laatst in een klas waar de leraar nogal boos deed en onvriendelijk was tegen de leerlingen. Kortaf, kribbig, boos. Die leraar liep duidelijk op zijn tandvlees. En de leerlingen haakten af. Mopperden. Na afloop van de les zei hij tegen mij: “Ik snap het niet. Ik wil niet onaardig zijn, maar het gaat vanzelf.….”

Ik had laatst een gesprek met een juf. Ze is net begonnen in een kleutergroep, de directeur is blij met haar en ze mag in ieder geval tot de zomer blijven. Maar ze was niet blij, ze barstte in tranen uit. “Ik ben niet goed genoeg” huilde ze. “Een ouder vroeg wanneer de andere juf weer terugkomt.”

Ik las een stukje over een meester, die overspannen was geraakt. Na vele gesprekken met een psycholoog trokken ze de conclusie dat de meester ongeschikt zou zijn voor het onderwijs. Te perfectionistisch. Meester nam ontslag en zocht een baan buiten het onderwijs. De titel van het stukje? “Hoe hard ik ook werkte, het werk was nooit af.”
Herken je dit?

En herken je deze opmerkingen ook?
“Het hoeft toch niet perfect te zijn.”
“Ik trek om vier uur de deur achter me dicht. Dat zou jij ook eens moeten doen.”
“Joh, zeur niet. Over een paar weken is het toch weer vakantie.”
“Waar maak je je nou druk om?”
“Je moet keuzes maken. Prioriteiten stellen.”
Allemaal makkelijk gezegd maar moeilijk gedaan, niet waar?
En deze… vind ik echt erg. Afgelopen twee weken al drie keer gehoord: “Hé, wel overeind blijven hoor, als jij uitvalt moeten wij nóg harder werken.”
Heb ik een oplossing?
Nee. Alhoewel…

Ga nou eens echt staken. Gewoon een maand alle scholen dicht. PO, VO, MBO… En zeg tegen iedereen dat er géén kinderen opgevangen worden. Dat de school gewoon dicht is. Omdat jullie met een spandoek en een slaapzak en een thermoskan thee op het binnenhof liggen. Maak nou eens een echte vuist, in plaats van dat kneuterige gepolder.
Ik snap wel hoe het zo ver heeft kunnen komen. Wij willen iedereen gelukkig maken, stellen onze leerlingen altijd voorop en we doen het allerallerergste: we doen wat ze van ons vragen, zonder te vragen: “Waarom?”
Ik spreek nog steeds leraren die eindeloze registraties bijhouden en groepsplannen maken omdat dat “van de inspectie moet”. Flauwekul. Het moet niet van de inspectie, het moet van jouw bestuur omdat ze je willen controleren.
En besturen duwen om de haverklap weer nieuwe veranderingen de school in omdat “het zo leuk, nuttig, modern, of noodzakelijk is”. Weer een nieuw concept de school in, begeleid door een onderwijskundige bureau dat veel huiswerk op geeft en ook nog in de klas komt kijken of je het wel goed uitvoert.
Als je de school geen maand wilt dichtgooien, stop dan gewoon eens collectief met alles te doen wat van je gevraagd wordt. Kies voor jezelf. Weiger alle flauwekul waar jullie eigenlijk het nut niet van inzien en waarvan jullie eigenlijk geen flauw idee hebben waarom jullie dit nu zouden moeten doen. Vraag een keer met z’n allen: “WAAROM? Wat hebben we er aan? Hoeveel tijd en energie kost het? Waarom is het goed voor de leerlingen?”
En als je dat niet durft: besteed één vergadering aan het opstellen van criteria: “Waar moet alles wat wij doen op school aan voldoen?” En stop met alles dat niet aan jullie criteria voldoet. En weiger vervolgens alles wat er in de toekomst niet aan voldoet.

Ja. Ik ben boos. En nee. Niet op de regering of de besturen.

Faalangst bij leerlingen

Open

Faalangst bij leerlingen

Het lijkt wel of er steeds meer leerlingen in onze klassen zitten die lijden onder faalangst. Bang om af te gaan. Bang om fouten te maken. Bang om iets verkeerds te zeggen. Waar komt dat toch vandaan?

Zijn het de ouders die steeds hogere eisen stellen?
Is het “de maatschappij” die vindt dat iedereen perfect moet zijn?
Worden er teveel toetsen afgenomen?
Zijn wij het, de leraren, die teveel druk leggen op onze leerlingen?
Of is het misschien een aangeboren afwijking; een gemuteerd gen?

Flauwekul natuurlijk, die laatste twee. Maar ook bij de bovenste drie kun je je afvragen of het wel waar is. Maar eigenlijk gaat het niet over de oorzaken. Waar het omgaat is hoe jij er mee omgaat in de klas. Want een leerling met faalangst kan oprecht heel ongelukkig zijn. En daar hebben wij leraren last van. Want wij willen dat onze leerlingen gelukkig zijn. Maar wat kun je er aan doen, als leraar? Je kunt een leerling met faalangst natuurlijk op een cursus doen. Maar ook in de klas kun je een leerling van zijn of haar faalangst afhelpen.

Het begint bij aandacht. Er zijn leerlingen die geen faalangst hebben, maar een tekort aan aandacht. Het is belangrijk om allereerst het juiste onderscheid te maken tussen die twee. Leerlingen met een tekort aan aandacht moet je alleen aandacht geven op andere, positieve punten. Als je dat consequent doet en de aanstellerij van de leerling afkapt en verder negeert, dan zul je zien dat de faalangst als sneeuw voor de zon verdwijnt.

Leerlingen met echte faalangst kun je op de volgende manier helpen:
1. De leerling moet zich bewust worden van het moment waarop de faalangst toeslaat. Je moet de leerling aanleren om op dat moment een teken te geven. Dan kan bijvoorbeeld door iets op tafel te zetten. Dan weet jij dat je iets moet doen: vragen stellen en doorvragen.
2. Vervolgens moet je de eerste vraag stellen aan de leerling. Niet hardop in de klas, maar altijd onder vier ogen en steeds weer opnieuw zodra de leerling het teken van faalangst geeft. Deze eerste vraag is: “Wat is het allerergste dat kan gebeuren als je nu faalt?” De leerling mag daar best even over nadenken. Maar er moet uiteindelijk een (mondeling!) antwoord gegeven worden. Er mogen ook meerdere antwoorden gegeven worden. Als leraar ga je vervolgens doorvragen. “Waarom is dat zo erg?” “Kun je nog iets ergers bedenken?” “En wat gebeurt er als er nog iets ergers gebeurt?” “En wat gebeurt er dan met jou?” “En dan?” “En wat gebeurt er dan?” “En waarom is dat erg?” Enzovoort. Door eindeloos door te vragen relativeer je de angst, maar neem je de leerling ook serieus.
3. Zodra de leerling zelf die denkstappen maakt en daardoor zelf leert te relativeren, zal de faalangst afnemen. De angst voor de angst is namelijk altijd groter dan de angst zelf en de enige manier om daar doorheen te breken is door de angst hardop te benoemen.
Succes!

Slachtofferhulp

Slachtofferhulp
Voor iedereen die dit wel eens denkt:
“Daar kan ik toch niets aan doen?”
Of zegt:
“De kinderen zijn tegenwoordig zo druk.”
Of verzucht:
“Ik moet steeds van alles.”
Of merkt:
“Die ouders nemen me niet serieus.”
Of fluistert:
“Mijn collega begrijpt mij niet”.
Is er nu slachtofferhulp.
Herken je het? Kan jij er ook wel eens niks aan doen?
Kruip jij ook wel eens in de rol van slachtoffer?
(Wat trouwens best wel een keertje mag…)
Dan is het de hoogste tijd voor slachtofferhulp.

Lees dit gedicht:
Als ik blijf doen wat ik altijd heb gedaan,
Blijf ik krijgen wat ik altijd heb gekregen.
Als ik blijf kijken zoals ik altijd heb gekeken,
Blijf ik denken zoals ik altijd heb gedaan.
Als ik blijf denken zoals ik altijd heb gedacht,
Blijf ik geloven zoals ik altijd heb geloofd.
Als ik blijf geloven wat ik altijd heb geloofd,
Blijf ik doen wat ik altijd heb gedaan.
Als ik blijf doen wat ik altijd heb gedaan
Blijft me overkomen wat me altijd is overkomen.
(Bron: onbekend)

En bedenk dan:
1. Hoe zou ik het willen hebben?
2. Heb ik daar invloed op?
3. Welke invloed heb ik daar (wel) op?
4. Wat is het eerste dat ik kan doen om iets te veranderen?
5. Kies een datum en zet in je agenda dat je dat gaat doen!

Succes!

Is die werkdruk echt te hoog?

Is die werkdruk echt te hoog?

Hè hè, eindelijk mag het gezegd worden: de werkdruk in het onderwijs is te hoog.

En eindelijk zijn we aan het staken. En ik hoop dat we daar mee doorgaan tot er echt iets verandert in het onderwijs. Een hoger salaris: ja. En veel meer geld voor de werkdrukverlaging dan nu is toegezegd. Want van dat beetje geld kan iedere school (heb ik ergens gelezen) 4 uur per week een conciërge of onderwijsassistent inhuren. Dat schiet lekker op (maar niet heus).

Tot  er echte veranderingen worden doorgevoerd, kun je als school ook al wat doen. Want er  zijn voorbeelden van scholen die de werkdruk en vooral ook de regeldruk onder controle hebben.

Hoe doen ze dat?

Leraren houden dat plezier als het ze lukt om te focussen op hun passie voor het onderwijs. Focussen op de dingen waar ze blij van worden in plaats van op wat ze niet bevalt of afkeuren.

Leraren blijven energiek als ze keuzes kunnen en durven maken in wat ze wel en niet doen, als ze zich eigenaar voelen van hun taken en geen ‘pion’ op een groot schaakbord. Als ze vanuit hun hart en met hun deskundige betrokkenheid prioriteiten kunnen stellen en op die manier goed voor de leerlingen en goed voor zichzelf zorgen.

Wat kan iedereen binnen de school  doen om een gunstig klimaat in jouw school te creëren?

Hier volgt de top 7 van de dingen die jullie met het hele team kunnen doen:

1.Stel prioriteiten: wat is nu belangrijk en wat kan nog even wachten?

2.Wees bewust van wat een ‘must’ is (regelgeving) en waarin je als school vrijheid hebt om zelf vorm te geven. Vraag het na! Neem niets voor zoete koek aan.

3.Wees transparant over wat de overheid vraagt en wat je als school, vanuit je onderwijsvisie wilt.

4.Maak ruimte om aan teamgeest te werken. Heb het leuk met elkaar.

5.Kies bewust voor een paar jaarlijkse  buitenschoolse activiteiten en lessen en schrap de rest.

6.Maak zorgen, vragen en vraagtekens bespreekbaar.

7.Last but not least: neem het serieus als het soms toch teveel is voor iemand. Zorg voor een luisterend oor, begrip en eventueel samen naar een oplossing zoeken.

Het lijkt zo simpel, maar echt, het werkt.

 

Oja… goede voornemens ?

Oja… goede voornemens ?

Heb jij, net als ik, een lijstje met goede voornemens opgesteld? Met dingen die je eigenlijk anders wilt in dit mooie nieuwe jaar? Met doelen voor jouw eigen ontwikkeling? Met doelen voor jouw klassen? Ga je ook doelen opstellen met je leerlingen? Zodat zij ook goede voornemens hebben (of krijgen)? Of laat jij jouw leerlingen hun eigen doelen en goede voornemens formuleren?

Wat is er eigenlijk met jouw goede voornemens voor 2017 gebeurd? Heb je je er aan gehouden? Of ben je  vergeten welke het ook alweer waren?

Hoe komt het eigenlijk dat het zo moeilijk is om je aan goede voornemens te houden? Om de doelen die je gesteld hebt te behalen? Daar kunnen verschillende redenen voor zijn:

  1. Eigenlijk wil je dit doel helemaal niet bereiken. Er is misschien wel een goede reden voor om je gedrag te veranderen (bijvoorbeeld: minder snoepen en meer sporten is goed voor je gezondheid), maar diep in je hart ben je misschien wel dol op snoep en heb je een hekel aan sporten. Dus zodra je de kans krijgt om jouw huidige “wel snoepen niet sporten-patroon” in stand te houden, grijp je die kans en is jouw goede voornemen als sneeuw voor de zon verdwenen.
  2. Jouw doel is te groot. Jouw doel is onoverzichtelijk, je weet niet waar je moet beginnen en je ziet er als een berg tegenop.
  3. Anderen vinden jouw doel stom, of geloven al bij voorbaat dat jouw doel onhaalbaar is. Of ze dat hardop uitspreken, maakt niet uit; zodra jij het gevoel hebt dat anderen dat vinden is het voor jou eigenlijk al een gepasseerd station.
  4. Je hebt wel een leuk doel gesteld, maar je weet helemaal niet waarom je dit doel zou bereiken. Je hebt geen idee wat het jou voor voordeel kan opleveren. Je zou het kunnen doen om een ander een plezier te doen, of omdat jouw directeur zegt dat het moet. Maar als je voor jezelf al hebt besloten dat het een zinloos doel is, is het moeilijk om je er aan te houden. Denk bijvoorbeeld aan het maken van groepsplannen of het bijhouden van je administratie op een bepaalde manier.

Deze vier redenen (en er zijn er vast nog meer…) kunnen jou van jouw goede voornemen afhouden. Dan verandert er niets aan jouw gedrag. Maar als je jouw gedrag wel wilt veranderen, dan kan het helpen om de volgende vier tips toe te passen op bovenstaande redenen:

  1. Je gaat bij je jezelf na waarom je dit doel niet wilt bereiken. Wat levert het jou op om te snoepen en niet te sporten? Wat heb je er aan? Vind je snoep gewoon lekker en houd je niet van sporten? Bedenk dan een tussenweg. Kun je het houden bij 1 snoepje per dag op een vaste tijd? Kun je een sport bedenken die je wel leuk vindt? Of kun samen met iemand afspreken om te gaan sporten en af te spreken hoe vaak per maand je een les mag missen? Kortom: ga goed na wat je eigenlijk wel wilt en hoe je dat kunt bereiken op een manier waar jij zelf blij van wordt.
  2. Je schrijft jouw einddoel op en daar onder noteer je wat er allemaal moet gebeuren om dat einddoel te bereiken. Dat zijn de tussenstappen, of beter: tussendoelen. Je zorgt ervoor dat die stappen allemaal zo klein mogelijk zijn. Makkelijk te halen, enkelvoudig en in weinig (of in korte) tijd. Die tussenstappen zet je op juiste volgorde. En vervolgens plan je die kleine stapjes in, in je agenda en/of op een afvinkoverzicht. Met data en deadlines.
  3. Bedenk voor jezelf hoe belangrijk het voor jou is om dit doel te bereiken. Is dat belangrijker dan wat anderen van jouw doel vinden? Dan kun je met jezelf afspreken dat je gewoon begint en op een bepaalde datum beslist of je er mee door wilt gaan. Zet die datum in je agenda. Blijkt het helemaal geen belangrijk doel voor jou te zijn? Dan gaat tip 1 voor jou in werking. Of tip 4.
  4. Bedenk hoe je dit doel voor jou wel belangrijk kunt maken. Vervang het woord “moeten” door “willen”. Wat is daar dan voor nodig? Kun je iets bedenken waardoor “groepsplannen” of “administratie” voor jou wel goede acties zijn? Heb je er nu te weinig tijd voor? Of snap je niet waarom je dit zou moeten (of willen) doen? In dat geval is het handig om te gaan praten met degene die jou de opdracht heeft gegeven. Vraag naar de reden waarom. Vraag hoe je het zou kunnen doen zonder dat je er tijd voor hebt. Kortom: vraag om hulp! En mocht je het eng vinden om hulp te vragen: bedenk dan wat er gebeurt als je niets doet. Als je zeker weet dat niemand jou erop gaat aanspreken, dan heb je geen reden om je gedrag te veranderen en dan blijft alles zoals het was. Maar als je in de stress schiet bij het idee, dan kan dat een reden zijn om om hulp te vragen, of om je gedrag vanuit jezelf te veranderen.

Succes!

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Gelukkig Nieuwjaar!

Gelukkig Nieuwjaar!

Allereerst wens ik je natuurlijk een gezellige jaarwisseling en vooral een Inspirerend en Gelukkig Nieuwjaar.! Maar nu is het tijd om nog even terug te blikken op 2017.

Hoe was jouw jaar? heb je bereikt wat je wilde bereiken? Heb je gedaan wat je wilde doen? Ben je tevreden?

En hoe is het met jouw leerlingen? Heb je het schooljaar goed afgesloten en ben je weer goed begonnen  na de zomervakantie? Zijn je leerlingen tevreden? En hun ouders?

Zijn er afgelopen jaar dingen gebeurd die je niet voorzien had? Had je invloed op het verloop?

Wat heb je allemaal geleerd? En van welke zaken weet je nu al dat je die voortaan anders gaat aanpakken?

Wat neem je mee naar 2018?
Wat laat je achter in 2017?

loesje

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Een rustige kerstweek in de klas

Een rustige kerstweek in de klas

Hoe zorg je ervoor dat die laatste week voor de kerstvakantie rustig verloopt?
In die laatste week is er een overvloed aan prikkels (afgezien van de dennennaalden en de piek), kerstdiners, galafeesten, bijna vakantie en zelf kijk je ook reikhalzend uit naar je laatste werkdag van dit jaar.
Er is een manier om ervoor te zorgen dat deze week rustig verloopt, zonder al te veel gedoe en sfeer-verpestende incidenten.

1. Houd je programma aan. Vervang een paar lessen door kerstactiviteiten, maar hoe meer je afwijkt van de dagelijkse gang van zaken, hoe onrustiger de leerlingen zullen worden.
2. Stel doelen met de leerlingen. Wat willen (= eigenlijk “moeten”) ze nog af hebben… deze les, deze dag, deze week?
3. Zorg voor voldoende rustmomenten. Ontspanningsoefeningen, meditatie, yoga, massage, rustige muziekjes, hele moeilijke kleurplaten (waar je eisen aan stelt)… zonder praten of lopen.
4. Zorg dat de leerlingen zich focussen aan het begin van iedere les. Doe een concentratieoefening, laat ze bedenken waar in hun hoofd ze het geleerde op gaan slaan en houd de focus gedurende de hele les vast door kort te praten en een actieve houding te eisen.
5. Vertel steeds weer opnieuw hoe het programma van de dag is en zorg dat er ruimte is voor vragen over de onderdelen die afwijken van het gewone programma. Leerlingen kunnen heel onzeker zijn over het verloop van een optreden of andere activiteit zonder dat jij dat merkt.

Ik wens jou en jouw leerlingen een rustige laatste week, een vrolijk kerstfeest en een heerlijke vakantie.

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

<a href=”https://www.bloglovin.com/blog/14773605/?claim=qzq98g7hshd”>Follow my blog with Bloglovin</a>

Falen is geen optie

Falen is geen optie

Vorige week sprak ik een jonge leraar die op het eind van zijn Latijn was. Hij had het gevoel dat alles tegen zat. Hij had een moeilijke klas, met veel zorgleerlingen. De ouders klaagden bij de directrice over zijn handelen. Zijn collega’s zeiden dat ze het ook niet wisten. Hij werkte ’s avonds en in het weekend over om al het werk af te krijgen; handelingsplannen, nakijkwerk en iedere dag een volle mailbox.

Hij was het zat.

Ik kwam een leerling observeren in zijn klas, en ik zag dat hij alles deed om het goed te doen. Tijdens het nagesprek vroeg ik hem wat hij eigenlijk het liefste wilde. En hij zei: “ik wil me het liefst ziek melden”. Toen ik vroeg waarom hij dat nog niet gedaan had, zei hij: “ik ben toch niet echt ziek?”.

Nee, nog niet.

Ik vertelde dat ik wel eens leraren coach. Ik help ze om hun onderwijs zo in te richten dat ze er zelf gelukkig van worden. Het motto is dan: “Blije leraren maken blije leerlingen.” Dus ik bood hem mijn hulp aan. En de leraar antwoordde: “Ik meld me nog liever ziek dan dat ik hulp accepteer. Falen is geen optie”.

Ik schrok.

Thuis vertelde ik mijn zoon (van ongeveer dezelfde leeftijd als de leraar) wat er gebeurd was. Mijn zoon vertelde dat dit de trend van zijn leeftijdgenoten is. Falen mag niet meer. Als kind, als leerling wordt iedere groei onder de curve afgestraft. Een extra jaar kleuteren? Mag niet meer. Een jaartje overdoen? Mag niet meer. De foute studie kiezen? Mag niet meer.

Mag niet meer.

Geen wonder dat zoveel middelbare scholieren een tussenjaar kiezen. Teveel drinken. Het thuis niet durven te zeggen als het niet zo goed met ze gaat. Iedereen moet blij, vrolijk en compleet “up to date” zijn. Mee kunnen komen met het gemiddelde, of liever nog: daarboven. Hulp vragen is geen optie, dat wordt onmiddellijk afgestraft.

Falen is geen optie meer.
Jammer.

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.

Open brief aan alle ouders

Open brief aan alle ouders

Lieve ouders,
Jullie brengen of halen jullie kind(eren) iedere dag naar school, of ze gaan zelf. Het is ons werk om al onze leerlingen les te geven. Wij vinden ons werk leuk. We halen er voldoening uit en ja, we weten wat we doen. Maar soms is het belangrijk om weer eens pas op de plaats te maken en jullie te laten weten wat onze verwachtingen zijn en wat jullie van ons kunnen verwachten.

Wat wij verwachten van jullie:
1. Dat alle leerlingen op tijd op school zijn; schoon, aangekleed en met een (gezond) hapje & drankje voor tussendoor en voor tijdens de overblijf.
2. Dat jullie belangrijke informatie opschrijven en die brief aan ons overhandigen. Wij hebben ’s morgens geen tijd om met jullie te praten; we zijn er dan voor de leerlingen.
3. Dat jullie ons steunen in de opvoeding in de klas. Dat betekent dat je kind wel eens straf krijgt. Dat hoort erbij.
4. Dat jullie ons je vertrouwen geven dat we het goed doen.

Wat wij verwachten van onze leerlingen:
1. Dat ze opletten en meedoen met iedere les, ook al hebben ze eens geen zin.
2. Dat ze zich sociaal en netjes gedragen naar hun medeleerlingen en hun leraren.
3. Dat ze zich houden aan de afspraken zoals die zijn gemaakt in de klas en schoolbreed.

Wat mogen jullie en jullie kind(eren) van ons verwachten?
1. Dat we doen wat we kunnen om je kind(eren) het onderwijs te bieden dat ze nodig hebben.
2. Dat we altijd vragen hoe we kunnen helpen, op emotioneel, sociaal en cognitief gebied.
3. Dat we jullie informeren als er belangrijke zaken zijn die spelen in de klas of op school.
4. Dat we de beste lessen geven die we kunnen.
5. Dat we samen overleggen en bijleren als we iets (nog) niet weten.
6. Dat we je kind(eren) beschermen als dat nodig is.
7. Dat we het beste voor hebben met ieder kind.
8. Dat we zijn opgeleid om ons werk goed te doen.
9. Dat we houden van al onze leerlingen.

Met vriendelijke groeten van de leraar van je kind(eren)

Wil je nu de SterkNieuws verder lezen? Klik dan HIER.