Tien manieren om je leerlingen te motiveren

Iedereen wil gemotiveerde leerlingen in zijn lessen. We willen leerlingen die opletten, meedoen en zich de lesstof eigen maken. Daarom heb ik tien manieren verzameld om je leerlingen te motiveren.

Is dat mijn verantwoordelijkheid? Ze moeten toch gewoon meedoen?

Stel je eens voor: Je hebt boodschappen gedaan en je loopt met twee zware tassen de AH uit. Er komt een jongeman met een klembord op je af. ‘Goedemiddag. Mijn naam is Peter. Mag ik u een paar vragen stellen?’ Je eerste reactie is om gewoon door te lopen en je er vanaf te maken met de zin ‘Nee sorry ik heb nu geen tijd’. Maar Peter lacht je vriendelijk toe en zegt: ‘Het is belangrijk. Het gaat over het lerarentekort. Ik wil heel graag uw mening horen over de stakingen.’

De glimlach van Peter én jouw betrokkenheid bij het onderwerp zorgen er voor dat je belangstelling is gewekt. Je zet je tassen neer en je gaat met Peter in gesprek over de stakingen in het onderwijs.

De motivatie van anderen begint met jouw houding

Een leraar is een spiegel voor leerlingen. Een leraar moet het goede voorbeeld geven. Als jij chagrijnig en ongeïnspireerd voor de klas staat, hoe kun je dan verwachten dat jouw leerlingen iets van jou willen leren?

Om anderen te motiveren moet je hun belangstelling wekken

Een leraar vult zijn leerlingen niet met kennis, maar steekt het vuurtje in leerlingen aan. En de beste leraren houden dat vuurtje brandend. Humor is daarbij de beste zuurstof. Belangrijk: veel lachen in de klas en lol hebben met je leerlingen.

Hier zijn ze: Tien manieren om je leerlingen te motiveren

  1. Straal uit dat iedereen welkom is in jouw lessen. Wees vriendelijk, heet iedere leerling persoonlijk welkom bij de deur en onthoud persoonlijke weetjes, zoals een hobby of favoriete muziekstijl.
  2. Eindig iedere les met een cliffhanger. Bedenk iets waardoor de leerlingen jouw volgende les nieuwsgierig binnen stappen. Bijvoorbeeld de antwoorden van een quiz waar je mee bent geëindigd.
  3. Begin iedere les met de inlossing van de cliffhanger van de vorige les. Maak vervolgens een bruggetje naar een nieuwe verhaallijn, die je jouw hele les laat doorlopen. Als start kun je een filmpje laten zien, iets voorlezen, een stelling, plaatje of raadsel op het bord zetten. Kies iets waar je de lesstof aan op kunt hangen en eindig je les weer met een cliffhanger.
  4. Als de lesstof niet echt aansluit bij de belevingswereld van jouw leerlingen, zoek dan een haakje in de lesstof wat wel aansluit. Het woord saai is een prachtig woord om tegenstellingen bij te zoeken of met humor te benaderen. Wie kan iets bedenken dat nog saaier is dan dit?
  5. Er zijn altijd leerlingen die je niet zo leuk vindt. Dat mag je nooit laten merken. Zoek iets in die leerling dat je wél leuk vindt. Doe in ieder geval alsof je hem of haar een leuke leerling vindt. Fake it until you make it.

Het gaat om de hoe

  1. Sommige leerlingen vragen constant negatieve aandacht. Het is vaak de enige aandacht die ze krijgen: het is een gewoonte geworden. Let erop dat je deze negatieve aandacht omdraait naar iets positiefs. Geef deze leerlingen bewust minimaal drie complimenten per les. Turf.
  2. Alle leerlingen zijn gevoelig voor complimenten. Geef er veel en vertel ook altijd specifiek waar je het compliment voor geeft. Goed gedaan is te vaag. Je hebt opdracht drie ruim binnen de tijd af en ook foutloos gemaakt is specifiek.
  3. Werk met doelen. Splits grote doelen op in kleine doelen. Maak actieplannen in stappen om de doelen te bereiken. Laat je leerlingen dat ook doen en zorg ervoor dat zij hun doelen kunnen behalen.
  4. Stel veel vragen en eis duidelijke, gefundeerde antwoorden. Neem de meningen van jouw leerlingen serieus en vraag ook door. Leer alle leerlingen hoe je doorvraagt, hoe je achter de motivatie van iemand kunt komen.
  5. Wees duidelijk. Warm streng. Consequent. Gemoedelijk. Rustig. Sta op twee benen. Wees vol vertrouwen. Spreek je vertrouwen in de leerlingen altijd uit.

Wat kan ik met de leerlingen die ongemotiveerd blijven?

Met die leerlingen ga je het gesprek aan: onder vier ogen. Stel vragen, toon belangstelling. Vraag naar wat hem of haar drijft, wat de leerling wél belangrijk vindt. Zoek in de antwoorden een reden om jouw lessen belangrijk te maken voor hem of haar. Leg de verantwoordelijkheid bij de leerling en maak duidelijk dat hij of zij op jouw steun kan rekenen.

Wil je meer lezen over het motiveren van leerlingen? Klik dan HIER.

Wil je een leuk filmpje zien over motivatie? Klik dan HIER.